Biobouwers helpen wadbodem meegroeien met zeespiegelstijging

De zeespiegel langs de Nederlandse kust stijgt met gemiddeld 1,9 millimeter per jaar (plus of min 0,15 mm). Het zandig systeem van Noordzeekust, waddeneilanden en de geulen en platen van de Waddenzee reageert daarop. Hoe is echter nog niet duidelijk en ook niet op welke termijn.

De aandacht van de beheerders is gericht op de veiligheid van de eilanden, maar ook op het behoud van het natuurlijk systeem van de wadden met zijn platen, geulen en uitgestrekte intergetijdengebieden. Beheerders gaan ervan uit dat er veel mee is gewonnen als natuurlijke processen van aanzanding en opslibbing de zeespiegelstijging kunnen bijhouden. De zogenaamde ‘biobouwers’ kunnen het groeiproces versnellen.

Biobouwers zijn organismen zoals mosselen, oesters en kokerwormen en ook planten als groot zeegras, die door hun aanwezigheid en uitbreiding extra zand en slib invangen. Daarnaast zijn ze een goede vestigingsplaats voor veel, verschillende organismen en dus van groot belang voor de biodiversiteit. Het Deltaprogramma Waddengebied heeft daarom aangegeven dat onderzoek naar de mogelijke inzet van biobouwers belangrijk is.

Beheerders van de ‘Waddenunit’, die met grote regelmaat op het wad komen, signaleerden in 2015 een nieuw fenomeen: uitgestrekte riffen van schelpkokerwormen. Voor de oorzaken van deze bijna explosieve toename is nog geen verklaring.  Kokerwormen zijn goede ‘zandinvangers’. Ze dragen bij aan het meegroeien van de platen met de zeespiegelstijging. Anderzijds begraven en verstikken ze de kokkels in hun directe omgeving. Veel actuele vragen over de kokerwormriffen en hun biobouwerscapaciteit zijn nog niet te beantwoorden, doordat meetgegevens over hun effecten sinds 2008 niet zijn uitgewerkt.